
Ik wil je graag meenemen op mijn reis over mijn levenspad en ik ben ervan overtuigd dat iedereen zijn eigen reis maakt, zijn eigen informatie ontvangt en zijn eigen paden bewandelt. Dit is mijn reis, en hopelijk biedt het inzichten.
Het drama van het begaafde kind
Om mijn reis te beginnen, start ik op mijn 33e jaar, want dat was eigenlijk het eerste moment dat ik ervaarde wat mijn ego was. Alleen besefte ik dat toen nog niet. Destijds dacht ik dat een ego iets was zoals een opgeblazen ego of egoïsme, meer de spreektaal zoals wij over het ego spreken. Dat was mijn beeld van het ego, en dat is nu compleet anders.
De context van mijn 33e jaar is dat ik inmiddels al vijf à zes jaar getrouwd was en we twee kinderen hadden, een dochter van 1 jaar en een oudere dochter van 3 jaar. Ik was zelfstandig ondernemer, met een bedrijf in de IT en ongeveer 30 mensen in dienst. Ik besefte dat ik daar geschikt voor was en mensen in beweging kon krijgen. Het was een best leuk leven en inmiddels was ik ook wat vermogend geworden. Dat vonden we toen belangrijk. We kregen echter te maken met een heftige gebeurtenis: mijn oudste zus pleegde zelfmoord. Ik hielp waar ik kon en hield me sterk. Ik zette me eroverheen met de gedachte dat het leven ook gewoon weer doorging.
Via mijn bedrijf volgde ik een soort De Baak-training. Je kent dat wel, zo’n training voor persoonlijk leiderschap. Heel leuk, en daarbij zat ook coaching, met Carmen, en ik ben blij dat ik haar heb ontmoet. Ik had een coachingsgesprek met haar, en ze hoefde maar een paar vragen te stellen of ik zat bijna met tranen in mijn ogen. Ze drong echter niet door, hoewel ze dat wel had kunnen doen, maar ze deed het niet. Het lukte me ook niet om eromheen te praten, want daar was ik altijd heel goed in. Ze zei: “Weet je wat Jan, ga jij maar het boek lezen, ‘Het drama van het begaafde kind’.”
Dat is een boek van Alice Miller, een psycholoog, en ik zal kort uitleggen wat de titel betekent. Het gaat erover dat we ons verleden totaal niet kunnen veranderen. De krenkingen die ons in onze kindertijd zijn aangedaan, zijn in ons lichaam opgeslagen. Wat vroeger is gebeurd, moeten we eigenlijk nader bekijken. Het is een soort wrede gevangenis in je jeugd waar je in hebt gezeten, en het is de bedoeling dat je je daarvan bewust wordt.
Dus ik begon dat boek te lezen en ik schrok me rot. In dat boek las ik hoe ouders met kinderen omgaan en wat voor effect dat op kinderen heeft. Ik wist het op dat moment niet, maar ik was een sensitieve en aanvoelende jongen in mijn jeugd; dat betekent dat alle negatieve energie, als in een tienvoud, bij mij binnenkwam. Boosheid, afwijzing, pesten, oordelen, jaloezie, afgunst, angsten en zorgen van anderen raakten me diep tot in het bot, met alle bijbehorende emoties. Ze noemden me dan ook overgevoelig en ik ‘moest’ wat harder worden, want anders zou ik niet ver komen in het leven.
Van deze sensitiviteit wist ik niks af en dacht dat iedereen hetzelfde voelde als ik. Door het lezen over de krenkingen en sensitieve begaafdheid, kwam ik er toen pas achter dat dit niet het geval was. Ook werd me duidelijk dat bepaald gedrag, zoals mijn aanpassingsvermogen, conflictvermijding, vluchten en meegaandheid, en de wens om zelfstandig te zijn, daaruit gevormd waren.
Het boek deed dan ook heel veel met me. Na het grootste gedeelte van het boek gelezen te hebben, vond ik mezelf in de wc, een plekje voor mezelf, waar ik enorm aan het janken was om wat ik las. En waarom huilde ik? Ik realiseerde me dat ik mijn eigen patronen toepaste bij mijn dochters van één en drie jaar. Ik merkte dat ik mijn kinderen die krenkingen ook kon aandoen. En dat wilde ik niet; ik wilde niet dat zij dit ook zouden meemaken, en dat deed me veel verdriet.
Ik belde Carmen en zei: “Het gaat niet goed met mij.” En toen zei ze: “Oké, je moet naar een psycholoog toe.” “Oh, nou ja, als dat moet, dan moeten we dat maar doen,” dacht ik. Ze zei dat je goede en minder goede psychologen hebt, en vroeg of ik het erg vond om ver te reizen. Nee, dat maakte mij niets uit. En het kostte ook nog wel wat. Nou, dat maakte me ook niets uit. Het was een goede vriendin van haar in Utrecht. “Nou prima, daar ga ik naartoe.” en toen ben ik vanaf dat moment elke woensdag, bijna een jaar lang, althans, zo voelde het, naar deze dame gegaan. En ik hoefde maar even bij haar op de bank te zitten, ze stelde een paar vragen en tsjakka, ze raakte mijn emoties. Ze kon prachtig doorvragen waar mijn oude pijn zat. Ik probeerde eromheen te praten of haar aandacht af te leiden, maar dat lukte voor geen meter, dat had ze gelijk door. Ze bracht alle pijnen die diep in mij verscholen zaten, naar boven. Daar zat ik dan, als dat kleine Jantje, gewoon te huilen. Echt van die grote snikken… happend naar adem. Ik heb daar wat gehuild, dat is onvoorstelbaar. Allerlei situaties die mij diep geraakt hadden, kwamen naar boven, situaties die ik zelf niet wist en dus verdrongen had.
Elke woensdag ging ik dus heen, en met tranen in mijn ogen stapte ik weer in de auto terug. Later ben ik maar met de trein gaan reizen, want ik kon daarna niet fatsoenlijk autorijden. Op de zaak zei ik altijd dat ik naar mijn coaching ging, natuurlijk. Dat begrijp je wel. Wat kwam er allemaal voorbij bij haar? Bijvoorbeeld dat ik gewoon in mijn broek scheet voor reacties van mijn omgeving in mijn jeugd. Want ja, ik was doodsbang dat ik een snauw, oordeel kreeg of iets niet goed deed, of dat er ruzie ontstond. Dat verlamde mij totaal en deed pijn. Zo kwam ook een situatie boven water dat ik heel snel huilerig was door plagen en grapjes naar mij. Daar moest ik maar beter tegen kunnen, dus dat ging maar door en dat was goed voor mij. Het zou mij hard maken, maar in de werkelijkheid hielp dat natuurlijk niet en het maakte me alleen maar meer verlamd.
Wat me raakte, was dat mijn zus het huis uit ging omdat het niet meer ging. Van mijn zus kreeg ik veel liefde en aandacht, ze accepteerde me zoals ik was, en bij haar voelde ik me veilig. Ik was weinig thuis en verbleef veel bij vriendjes, waar ik het gezelliger vond en het warmer was. Ik paste me dan aan om zoveel mogelijk daar te kunnen spelen en ook gewenst te zijn. Thuis ging ik snel naar boven voordat iedereen thuis kwam, want dan was ik alleen en kon niets mij raken. Ik kwam nog wel eens te laat thuis voor het eten, omdat ik met spelen buiten de deur volledig de tijd kon verliezen. Ook had ik een soort droomwereld in mezelf waar ik graag was. Ik dacht altijd dat ik een leuke jeugd had gehad, maar kwam in therapie erachter dat ik veel heftige emoties, krampen en angsten had in mijn jeugd. Ik wist niet beter dan dat dat er altijd was, zodat het normaal leek. Bij deze dame op de bank werd ik wakker dat ik veel had weggestopt en niet verwerkt.
In de laatste klas van de basisschool liepen we achter doordat we een jaar daarvoor een hele leuke meester hadden, maar te weinig geleerd hadden. Dus werden we ingedeeld op basis van slimheid: de slimme kinderen vooraan, die nog de status van de school zouden redden, en de domme kinderen, die niet te redden waren, achteraan. Ik was super dyslectisch, maar dat bestond nog niet. Dus mijn dictees waren meer rood van de fouten dan blauw van mijn eigen schrift, en dat had ook effect op de andere vakken. Jantje werd dus achter in de klas geplaatst en was dom. Al mijn vriendjes zaten vooraan. Ik accepteerde dit maar en ging veel dromen in de klas.
De pijn kwam later, omdat mijn vriendjes naar de mavo, havo of vwo gingen en ik daar niet heen mocht. Mijn vader heeft nog van alles geprobeerd, maar tevergeefs, de cito-toets was heilig. Op de school waar ik terechtkwam, voelde ik me alleen. Dus ik dacht: als ik nu allemaal negens haal, zullen ze wel zien dat ik hier niet thuishoor en mag ik vast naar de mavo bij mijn vrienden. Dat was niet zo handig, want overstappen een naar hoger niveau bestond niet en ik was gelijk een ‘leerpikkie’, waar ik in de vier jaar niet meer vanaf kwam, met al het bijbehorende gepest van dien.
Op de woensdagen bracht zij al deze verborgen situaties en gebeurtenissen naar boven, die veel vergeten pijn en emotie hadden. Ze hoefde maar een paar vragen te stellen en ging dan steeds dieper met doorvragen. Aangekomen bij de pijn en emotie zei ze: “Jan, wat voel je nu?” En ik ging dan door alle lagen van die pijn heen. Er kwamen boosheid, verdriet, machteloosheid en angst als lagen waar ik doorheen ging, en wat gewoon verschrikkelijk pijn deed. Als ik uiteindelijk door al het snikken in de lagen heen was, dan zei ze: “Joh, natuurlijk was dat zielig voor jou. Natuurlijk deed dat pijn, Jan.” Ze gaf me begrip en aandacht en eigenlijk gaf ze alleen maar liefde. Ze liet me ernaar kijken vanuit mijn perspectief en dan was die pijn weg. De pijn was verdwenen, alsof er een soort magie gaande was.
Nu realiseer ik me dat het natuurlijk een illusie was, want wat ik op die woensdagen herbeleefde, was niet echt, het was de pijn van vroeger. Die situaties uit het verleden zijn er niet meer; … maar het voelt wel weer echt als je er in gedachten naartoe gaat. Ik word niet meer gepest in de klas, dat is er allemaal niet meer. En toch zijn die pijnen er nog wel. Je hebt blijkbaar pijnen in je lichaam, waar je geen weet meer van hebt en die blijven daar. Er zit dus een soort illusie in je lichaam, en zij kon dat dus helemaal bij me opruimen. Dat was prachtig, en daar was ik op mijn 33e erg blij mee.
Ik veranderde namelijk en dat kon ik merken, alleen mijn omgeving zag dat allemaal niet zo. Ik merkte het zelf wel. Mijn conflict vermijdende gedrag verdween veel meer. Mijn kameleongedrag, waarbij ik me in alle situaties aanpaste, werd ook minder. Ik voelde namelijk heel goed aan wat de ander wilde en daar speelde ik onbewust veel op in. Ook kon ik heel goed verdwijnen, bijvoorbeeld in grote zalen met mensen. Ik zorgde wel dat ik niet opviel en kwam dan ook niet op de foto of stond ergens achteraan. Bij grote groepen liep ik ook snel weg als ik het benauwd kreeg, om paniekaanvallen te voorkomen. En dat werd allemaal minder. Ik had ook nooit een mening, want dat was lekker makkelijk. Maar nu kreeg ik wel een mening. En al mijn ontwijkende vragen, die ik aan mensen kon stellen, zodat ze niet te dicht bij mij kwamen, namen ook af. Het werd allemaal minder. En dat was natuurlijk geweldig voor mij, en ik had ook minder angsten en emoties.
Achteraf gezien blijft het natuurlijk bizar dat al die oude pijn en emoties in je lichaam zitten en dat je die dus meeneemt en dat je daarop gedrag vormt, zonder dat je dat door hebt. Het is allang gebeurd, maar je draagt het continu onbewust mee. Het is een soort illusie. Enfin, ik kon zeven jaar verder als een vernieuwde Jan.
Illusies van het ego
Op mijn 41e hoorde ik een stel praten over een boek, “Illusies” van Ingeborg Bosch. En iets in mij zei dat ik dat moest lezen, het was een ingeving. Dus ik kocht dat boek. Toentertijd was ik directeur/eigenaar van een tweede IT-bedrijf, samen gekocht met een participatiemaatschappij en geleend geld. Het moest internationaal worden uitgerold en ik reisde veel, waarbij ik veel boeken las in het vliegtuig. Met name boeken over zelfontwikkeling, leiderschap, de psyche en spiritualiteit. Ik miste vaak de essentie van wat een mens drijft en dit boek leek voor mij een sleutel te bevatten. Het boek gaat over heftige emoties, nare gedachten die ons leven kunnen beheersen, als we niet weten waar ze vandaan komen en wat we ermee moeten doen. Het sprak me aan omdat het lijkt op mijn ervaring bij de psycholoog toen ik 33 jaar was.
Ze zegt dat het eigenlijk heel simpel is. Je maakt iets mee in het leven en dat bevalt je niet, waardoor je pijn ervaart. Mensen kunnen je beschadigen door wat ze zeggen of er overkomt je iets wat onprettig is of angst oproept. Het doet je pijn, je krijgt angst, en/of het is onprettig. Wat doe je dan ter bescherming? Je drukt die situatie, je pijn, angst en/of ongemak weg. Daarmee lijkt het voorbij, maar Ingeborg geeft aan dat het een angel is die in jezelf, in je lichaam, aanwezig blijft. Komt dezelfde situatie, persoon, geweld, beschadiging of iets wat erop lijkt weer in je leven voorbij, dan wordt er automatisch een pakketje gedrag klaargezet om jezelf te beschermen zodat de pijn, angst en/of ongemak je niet meer overkomt. Nu hebben ze ontdekt dat als jij als mens ‘denkt’ dat je een beslissing hebt genomen, deze al lang voor je genomen is en klaarstond. Dus op het moment dat jij ‘denkt’ dat jij een bepaald gedrag opstart, kan dat zo’n programmatje zijn die voor je is klaargezet.
Maar, Ingeborg zegt, in dat boek: ik heb hoop voor jou, want je kunt die programmatjes verwijderen. Je kunt dat gewoon opruimen. Niks aan de hand! Hoe doe je dat nou? Allereerst, zegt ze, moet je erachter komen dat die programmaatjes er zijn. Afijn, dit wilde ik gaan onderzoeken bij mezelf en ik ging ermee aan de slag! We waren met het gezin op vakantie in Spanje. Dat was een leuke tijd en ik was begonnen in dit boek. En het viel me gelijk op dat ik ook van die programmaatjes had. Het IT-bedrijf was inmiddels wat groter geworden en gegroeid naar 40 personen. Ik moest als directeur wel paraat zijn, dag en nacht, omdat we ook zaken deden in de VS. Toen had je nog sms, misschien ken je dat nog wel. Als mijn sms ging, trilde mijn telefoon,
en dan had ik gelijk spanning en moest ik direct naar de sms toe en het gelijk oplossen. Gelijk een pakketje gedrag “alles uit je handen laten vallen” en oplossen. Ik was verbaasd, het klopte… krijg nou wat… een sms… een irritatie… en tsjakka… gelijk lezen en Jan gaat daarna gelijk in actie… niet beoordelen en laten rusten… maar gelijk oplossen. Mijn vrouw zag dit natuurlijk al jaren. Maar ik zag het toen pas.
Een ander voorbeeld is dat wij bij een camping aankomen. We zijn met de hele familie en de familie vindt de camping niet leuk. Wat doet Jan? Heel hard werken. We gaan gelijk naar een andere camping. Een pakketje gedrag “op naar de volgende.” Het viel me weer op met de irritatie. Het meest bizarre was dat ik in de supermarkt in Spanje liep en er kwam zo’n groep opgeschoten jeugd aan. Ik merkte dat en dacht: krijg nou wat… wil automatisch snel weglopen. Dit was me normaal niet opgevallen, maar nu voelde ik die irritatie, die angst van vroeger van gepest zijn. En nu moest ik van mezelf blijven staan. Vroeger was ik weggelopen en had ik op de vraag waarom? Iets verklaarbaars gezegd, zoals: “ik wil nog even iets pakken.” Maar omdat ik nu bleef staan, kon ik het programmaatje om weg te lopen als drang voelen.
Zo kan ik wel doorgaan met voorbeelden, maar Ingeborg zegt in haar boek dat je ze kunt oplossen. Je moet ze eerst ontdekken dat ze er zijn door de irritaties. Nou, die eerste stap had ik dus te pakken, geen probleem. Dan zegt ze dat je een veto-recht hebt om je programma te stoppen. Dat klopte en dat had ik ervaren. Alleen… daarmee los je nog niet het programmaatje op, je moet het opruimen! Daarvoor maak je gebruik van de eigenschap die bewezen is dat je geheugen geen verschil ziet tussen ‘iets dat echt is gebeurd’ of dat je het ‘later in gedachten voorstelt’. Dus je kunt de situatie gewoon terughalen alsof het weer echt gebeurt.
Met het supermarktvoorbeeld met opgeschoten jeugd kon ik dit mooi uittesten. Ik lag in mijn bed in de tent en ik haalde die situatie in gedachten weer terug. Wat Ingeborg dan adviseert, is dat je de situatie uitvergroot, je maakt het erger. Je maakt het angstiger. Nou, dat deed ik dan en stelde me voor dat de jeugdgroep groter is en dreigend naar me toe komt. En ja hoor, hoppa, daar voel ik dezelfde irritatie weer, en hoe groter ik het maakte, hoe meer ik kramp en angst kreeg. Dan zegt ze, moet je echt die pijn gaan voelen en door die pijn heengaan, steeds erger maken. Dit kun je zonder gevaar doen, omdat het niet echt gebeurt, maar voor je geheugen wel.
Dat lijkt dus wel op de woensdagen van mijn 33e jaar. De Jan die op dat bankje zat bij de psycholoog die door de pijnen heengaat. Je kunt dat dus ook zelf doen. En, zegt Ingeborg, als je door al die pijnen heengaat, vraag je aan jezelf: “Wat heb jij nodig?”.
Dan moet je opletten dat je niet iets zegt als “dat die gasten opdonderen”. Of dat die “sms niet komt”. Je zoekt het dan buiten jezelf, maar dat is niet wat je nodig hebt. Het gaat erom wat jij zelf nodig hebt? En dan komt er altijd iets uit in de vorm van: dat je niet in gevaar bent of dat je gewoon rustig mag relaxen. Dan komen er zaken uit dat “je er mag zijn” en dat je liefde aan jezelf geeft. Nou, dan geef je dat op dat moment aan jezelf in gedachten. En dan zul je zien dat de volgende keer, als er weer iets soortgelijks gebeurt, de irritatie weg is of veel minder wordt.
Ik heb toen wat opgeruimd, die vakantie. Maar ook daarna en dat is niet te geloven. Het werkte als een zonnetje. Lekker in mijn bed voordat ik ging slapen in rust. En zo ruimde ik heel veel op, en wat hielp me dat nou? Ik merkte dat al die angels van situaties, die irritatie gaven en mij aanzetten tot onbewuste acties, de pakketjes gedrag, veel minder werkten bij mij. Dus ik werd veel relaxter en rustiger. Ik kon ook direct een verband ervaren met bepaalde personen in mijn werk en privé, waarbij ik minder in terugkerend gedrag schoot.
Het werd me toen ook duidelijk dat er iets in mij was, ‘mijn ego’, waar je weinig van weet en wat voor je verborgen is. Dit ego is van mij en bepaalt veel van mijn gedrag, zonder dat je daar grip op hebt of je er bewust van bent. Het drukt op jouw emoties en zet je aan tot patronen, die anderen wel zien, maar die je zelf normaal vindt. Gelukkig was ik een stap verder om hier controle op te krijgen en het gaf me veel meer rust in mijn hoofd, minder angst en minder dwangmatig gedrag. Ik had zeg maar meer controle over mezelf.
Harde klappen
Zakelijk kreeg ik het op mijn 42e zwaar te verduren. Onze markt droogde op en we hadden alle winst weggesluisd voor de aflossing. We moesten investeren in een nieuw product en tegelijkertijd mensen ontslaan. Na de reorganisatie werd ik door de andere aandeelhouder op straat gezet. Het was voor het eerst dat ik angst kreeg ‘hoe nu verder’ en de druk voelde om voor het gezin te zorgen. Als ondernemer kwam je niet makkelijk in loondienst. Ik leende weer geld en kocht in 2008 zelfstandig een IT-bedrijf in de zorg. Ik was te gretig en te goed van vertrouwen en ik kwam erachter dat we tonnen aan illegale software gebruikten en daarmee onze klanten bedienden. De verkopende ondernemer vond het allemaal normaal. Voor het eerst startte ik een rechtszaak, maar kwam erachter dat de advocaten aan beide kanten alleen maar geld wilden verdienen. Kortom, ik werd teleurgesteld in mijn medemensen. Daarnaast moest ik veel liegen tegen klanten om de illegaliteit te verdoezelen, wat ik verschrikkelijk vond. Als ik het niet deed, zou ik failliet gaan.
Tot dan toe was het me altijd goed afgegaan om een team te laten groeien en mensen mee te krijgen met nieuwe producten en markten, maar dat lukte voor geen meter bij dit bedrijf. Het hielp niet dat in die periode de bankencrisis van 2008/2009 er was. De verkopers en support wilden er wel voor gaan, maar het ontwikkelteam kwam moeilijk in beweging. Voor het eerst in mijn leven merkte ik dat er ook mensen waren die niet wilden groeien, die alles wel best vonden, die niet wilden bewegen, een leugentje normaal vonden en niet enthousiast te krijgen waren. Al mijn eerdere talenten werkten niet meer en maakten mij uitgeput. Als klap op de vuurpijl kwam met een 360 graden feedback naar boven dat ik als directeur best wel manipulerend was, wat ik dacht niet te zijn en ook niet wilde zijn.
Ook privé kreeg ik wat te verwerken. Mijn biologische moeder, die ik mijn echte moeder noemde, overleed. Ze had mij niet had opgevoed en toch raakte haar overlijden me. Mijn schaamte en mijn schuldgevoel over het weinige contact dat ik had gezocht, kwamen boven water.
Het worden belazerd, zelf mensen moeten belazeren, mensen die niet willen groeien, mijn eigen manipuleren, het niet willen groeien van het bedrijf, de bankencrisis en het overlijden van mijn moeder werd me te veel. Ik merkte dat ik niet meer goed kon nadenken en dat ik ook nergens zin in had. Nu zouden ze dat een burn-out noemen. Gelukkig had ik wel op tijd door dat het niet goed met me ging, maar ik mocht ook niet omvallen.
Ik koos er toen voor om elke dag naar kantoor te gaan, de deur dicht te doen en verder niets te doen dan alleen het hoogstnodige. Het was zo rond juli, augustus en september, dus een rustige tijd in zorgland. Ik weet nog steeds niet wat ik die twee tot drie maanden heb gedaan, maar het hielp wel. Een hele werkdag niets doen en alleen zijn. Ik kroop er langzaam uit. Het was een soort eigen retraite-therapie die ik mezelf had voorgeschreven, waarbij ik alles op een rijtje kon zetten. Gelukkig kon je dat als eigenaar/directeur toen doen, zonder lastige vragen.
Door deze harde klappen werd ik op mijn 43e jaar wel wakker. Het ondernemerschap en streven naar meer omzet en winst, en het in stand houden van mijn uiterlijk vertoon van ‘directeur zijn’, waren niet langer mijn drijfveer. Het leven is meer dan in deze ratrace zitten. Daar is mijn idee geboren om meer op persoonlijk vlak iets te betekenen. Dit werd mede gevormd door een training bezielend leiderschap, waarbij we opstellingen deden. Ik kwam er toen achter dat er ’iets’ meer is dan alleen het rationele, en dat als je je openstelt daarvoor, je veel meer kennis en informatie ontvangt binnenin jezelf. Ik werd me toen bewust van mijn ingevingen en intuïties, en wist vaak hoe anderen in elkaar zaten en kon ze daarmee helpen. Ik kreeg veel complimenten en voelde me voor het eerst gezien.
Er is meer…
Op mijn 44e begon ik te communiceren dat ik meer in persoonlijke ontwikkeling iets wilde betekenen. Ik ontmoette iemand en die zei: “Joh, weet je wat jij moet doen? Jij moet naar Lina toe gaan.” Ik ging naar Lina, wat een hele begaafde vrouw is. Ze bracht me terug naar mijn verleden door vragen te stellen en ging steeds verder terug. Echt bizar, want ze bracht me terug naar mijn verleden voordat ik bewuste herinneringen had. Het was een soort regressietherapie. Op een gegeven moment kwam ik ook in een leeftijd dat ik een baby was, dus dat ik nog niet bij bewustzijn was.
Ik was die baby, en wat ik ontdekte door de vragen van Lina was dat er weinig aandacht was voor mij als baby. Dat wist ik helemaal niet. Dat blijft dan bij je hangen, of het waar is. Maar het lot bracht me een paar maanden daarna in Pernis voor een familiebijeenkomst. Mijn broer en ik gingen ook langs bij de buren waar we ooit gewoond hadden. En die waren zo verbaasd om me te zien, want ze hadden me nog nooit meer gezien nadat ik baby was. “Goh Jan, dat het zo goed gaat met je,” zeiden ze.
Ik vroeg: “Nou, hoezo dan?” Nou, en toen vertelde ze me over wat situaties dat mijn echte moeder niet zo goed voor me kon zorgen. Ik dacht, “krijg nou wat,” en ik wist dat zij in die tijd rond mijn geboorte was opgenomen in een inrichting. Wat Lina deed tijdens de regressie was wel bizar. Ze zei: “We kunnen jouw situatie hercreëren. We kunnen namelijk net doen, alsof je je voorstelt dat je wel aandacht krijgt en dat er liefdevol van je gehouden werd. Dat je gewoon een hele liefdevolle tijd hebt gehad. Creëer dat maar in gedachten.” Dat deed ik en het bijzondere is: dat deed weer wat met me, het ruimde weer wat op. Maar dit was dus met hercreatie.
Het voelde weer als magie, net zoals dat je je programmaatjes kunt opruimen door het in gedachten voor te stellen. Dit ging alleen verder, waarbij wat er gebeurt, wordt gecorrigeerd met terugwerkende kracht, met het opruimen van alle programmaatjes en overtuigingen erbij. Mijn gevoel dat ik geen aandacht kreeg, niet waardig genoeg of gekrenkt werd, verdween hierdoor in mijn gedachtewereld. Mijn bevestiging zoekend gedrag om gewaardeerd, gewenst en geliefd te zijn en niet beschadigd te worden, werd een stuk minder.
Maar het deed nog meer met mij. Het kunnen ervaren hoe je als baby, terwijl je nog in de buik zit en nog niet bewust zou zijn, hield voor mij in dat een mens veel meer is dan zijn brein en logica. Een mens zit veel complexer in elkaar en er is een dimensie die we nu niet kunnen verklaren, maar waar we wel bij kunnen. Door het opruimen van programmaatjes, ervaringen en overtuigingen, verdwenen mijn gedragspatronen, werd het stiller in mijn gedachten en kreeg ik meer aanvoelen en intuïtie terug.
Wakker worden
Op mijn 46e had ik zelf het gevoel dat ik steeds meer veranderde en dat ik ook beter doorhad hoe ik in elkaar zat. Ik was dus niet meer de Jan van vroeger en worstelde met hoe ik daar mee om moest gaan, want alles om me heen hield mij in de ‘oude’ Jan. De ‘oude’ Jan was degene die een kameleon was, als er problemen of gedoe was om te zorgen dat de goede lieve vrede bewaard bleef. Ik was dan duidelijk niet mezelf.
Ik zat inmiddels al op een coaching opleiding, wat mijn eerste stap was om coach te worden. Toen zei een mededeelnemer tijdens die training: “Jan, jouw dochters zijn nu 13 en 15 en dan wordt je als vader een mannelijke voorbeeld voor je dochters. Op die leeftijd voor dochters, ben jij als vader belangrijk. En ze kennen jou nu niet echt, ze kennen je niet als de vader die je echt bent. En die opmerking hakte er zo in! Dat was echt zo raak! Toen heb ik voor mijn gevoel een uur liggend op de grond gehuild. Echt heel diep en veel pijn, in een soort foetushouding. Want ik wist toen op dat moment, dat mijn leven zou veranderen. Daar ben ik helemaal doorheen gegaan en toen hebben ze me gelukkig eruit gehaald, want anders is het ook weer niet gezond.
Daarna is de wereld voor mij nooit meer hetzelfde geworden. Blijkbaar ben ik door de beslissing om mezelf te zijn, door zoveel zielenpijn, overtuigingen, programmaatjes heen gegaan, dat ik blijkbaar veel van mijn ego heb opgeruimd en dat mijn eigen ‘ik’ een soort wakker werd. Dat was nog niet alles, want er kwamen bepaalde gaven tevoorschijn. Ik denk dat het vermogens zijn, die je altijd al hebt, maar die worden helderder.
Ik begon veel meer waar te nemen. Ik begon meer te zien. Ik zag dingen die anderen niet zagen. Ik wist dingen die anderen niet wisten. Ga zo maar door, en ik ervoer dus dat als je meer opruimt, je ook begaafder wordt. Je bent eigenlijk al begaafd, alleen dat wordt allemaal weggedrukt door je ego. Het zijn talenten waarbij ik precies de juiste vragen wist te stellen, precies de vinger op de zere plek kon leggen of ‘iets’ raak kon zeggen wat iemand een nieuw inzicht gaf. Ik kreeg dit terug van mededeelnemers aan de training, die daar baat bij hadden. Ook wist ik welke oefeningen nut hadden en waar iemand baat bij had.
In het dagelijkse leven had dit wel een keerzijde, want niet iedereen zit daar op te wachten en is het niet altijd passend. Ik heb mezelf moeten trainen om het alleen toe te passen als daar toestemming voor was, zoals bij coaching. Ook moest ik groeien om te voorkomen dat zo’n begaafdheid een ego-dingetje wordt van ‘kijk mij nou eens’. Ik realiseerde me dat het een ‘gift from God’ is, zoals ze het in Afrikaanse stammen zo mooi zeggen. Het is je ‘gegeven’ en op een of andere manier sta je in verbinding met wijsheid die veel groter is dan jezelf. Je hebt daar respectvol en dienend mee om te gaan.
Coaching
Na mijn wakker worden leek het wel alsof mensen met problemen mij eenvoudig konden vinden. De meest uiteenlopende zaken zoals depressies, burn-outs, dwangmatigheden, vastzitten op werk, geen doel in het leven, gehaast leven, een hoofd vol met moeten, last van gedragspatronen, conflicten op werk, gemanipuleerd worden, mensen niet in beweging krijgen, niet gelukkig zijn, geen toekomst zien, harde tegenslagen krijgen, trauma’s… en ga zo maar door. De essentie was dat veel personen in vastgelopen paden zaten in hun leven en er wel uit wilden komen, maar daar niet bij konden. Ook waren er veel mensen die via de reguliere paden, zoals psychologen of andere coaches, niet verder kwamen.
Ik heb er toen gelijk voor gekozen om in mijn coachingsessies te gaan wandelen in een bos en te gaan praten. Ik hield geen intake en we gingen gelijk aan de slag. We spraken af dat als er geen klik was of het niet werkte, we gewoon zouden stoppen. Dan was het blijkbaar niet de bedoeling. Ook spraken we geen aantal sessies af. Als je weer op eigen benen kunt staan, merk je het zelf wel en dan is het goed. Meestal was na één tot drie sessies van 1,5 uur wel voldoende en zei ik: ‘bel me maar als er wat is’.
Het bijzondere was dat ik tijdens zo’n wandeling contact had met de zielsbegeleiders van de mensen. Ik kwam erachter dat iedereen begeleiding van ‘boven’ heeft, maar dat we nooit hebben geleerd om daar contact mee te maken. Ook hebben we geleerd om zo in ons hoofd te zitten, met onze ratio en logica, dat we deze verbinding verliezen. Soms hebben mensen er wel contact mee, met aanvoelen of intuïtie, maar dat wordt dan snel overschaduwd door ons ‘nuchtere zelf’.
Ik krijg daar heel snel contact mee en dan kan ik de ‘juiste vragen stellen’ en goed ‘doorvragen’ waar de knelpunten of belemmeringen liggen. Welke overtuigingen, emoties of gedachten hun leven verstoren. Doordat we wandelen in de natuur, wordt het contact met ieders eigen gevoel ook beter. Als ik goed bij mijn gevoel blijf en in contact met een zielsbegeleider ben, komen de mensen ook sneller bij hun ‘hart’. Ze weten dan ook sneller of iets ‘klopt’ wat ik vraag of zeg, waardoor het coachen ook gaat werken.
Tijdens de wandeling ruimen we dan veel belemmerende emoties, overtuigingen, inzichten en gedragspatronen op. Ik spreek nu over ‘we’, omdat ik ook de emoties of de strubbelingen voel waar mensen dan doorheen gaan. Het is een soort ‘weten’ wat die persoon dan ervaart. We gaan dan samen door de pijn, we hercreëren, stellen overtuigingen bij of ruimen ze op, en/of halen onwaarheden uit je onbewuste. We nemen dan vaak posities in uit het verleden of we nemen een kijkje in de toekomst hoe de hazen gaan lopen als we een ander gedrag en houding aannemen. Dit geeft nieuwe inzichten waardoor je onbewuste zaken bewust kunt maken. Ik ben erachter gekomen dat er veel onbewust leeft in ieder mens en dat het ego daar een enorme rol in speelt. Door dit onbewuste bewust te maken, word je als het ware wakker en besef je hoe je je leven en gedrag anders kunt inrichten.
Ook krijg ik snel informatie waar iemand ‘goed’ in is, wat zijn of haar talent is, waarbij ik kan beschrijven hoe iemand denkt en wat er in zijn of haar hoofd omgaat. Regelmatig krijg ik dan terug: “Wat kan je goed uitleggen wat ik voel en hoe dat bij me werkt.” Er gaat dan een wereld voor iemand open, waarbij de talenten bewust worden en die kan inzetten ten gunste van zijn of haar leven. Ook vervormingen of daaraan gekoppeld beschermend gedrag kan je dan opruimen. Vaak denken mensen dan ‘dat kan ik toch niet zeggen, dat ik daar goed in ben’ of ze beredeneren dat iedereen dat kan. Gelukkig heeft iedereen weer andere talenten, zodat we juist elkaar kunnen versterken.
Ook kennen we allemaal Freud met zijn collectief bewustzijn, wat onbewust in lichte of sterkere mate mensen aanzet tot gedrag, waarvan je denkt dat je het zelf bent. Daarnaast heb je een eigen ego, dat je aanzet tot programmaatjes, die op een gegeven moment tegen je gaan werken. In het coachen komen we soms ook krachten tegen die wat duister zijn. Het zijn krachten in iemand of om mensen heen, die ze in beweging zetten. Als je dat niet doorhebt, denk je dat je dat zelf bent. Als je bijvoorbeeld heel kwaad bent, kan zo’n kracht het gewoon van je overnemen en raak je ‘buiten zinnen’, ‘ben je van je padje’ of ‘ben je even niet jezelf’. Dit zijn krachten waar je onbewust veel last van kunt hebben. Op een of andere manier kan ik deze invloedrijke krachten uit mensen halen! Dat geeft vaak een enorme opluchting en vrijheid voor iemand, omdat die erachter komt dat die het niet zelf is.
We zijn in de psyche opgevoed met het idee dat trauma’s uit je jeugd en verdere leven komen. Die komen we dan ook tegen op de wandeling, maar ook trauma’s en angsten die niet daaruit te verklaren zijn. Ze zijn namelijk veel ouder en komen uit een van je vorige levens. Dat was voor mij eerst heel moeilijk om te onderkennen, maar je komt ze gewoon tegen. Zelf was ik altijd bang voor messen, maar het kan ook eenvoudig hoogtevrees of watervrees zijn. Ze zijn vaak onverklaarbaar en niet terug te traceren in ons eigen leven. Gelukkig kun je die ook eenvoudig opruimen, zonder dat je precies hoeft te weten hoe ze zijn ontstaan.
Tijdens de wandelingen met tientallen mensen hebben veel mensen een stap gezet, een duwtje gekregen, om zelf weer op te pakken en verder te gaan. Doordat ik opensta voor de begeleiding van ‘boven’, heb ik op deze wijze ook veel geleerd hoe bijzonder een mens is. Hoe prachtig en puur een mens kan zijn, als die zich ontdoet van de krachten in zich en om zich heen, die niet meer van nut zijn of bijdragen in het leven. Ook ben ik tot het inzicht gekomen dat ons ego niet zo dienend is en een soort eigen ‘wil’ heeft die ons bestuurt. Dat ego geeft veel drukte, moetens en stemmen in ons hoofd en wekt veel van onze emoties onnodig op, zoals boosheid, kwaadheid, jaloezie, angst, etc. Het zet ons te veel in beweging om controle te houden of maakt ons juist passief. Als je dat opruimt, gaat er een wereld voor je open en ontdek je veel meer jouw gevoel, intuïtie en rust. Je komt sneller in een flow en een gelukzalig leven. Ik heb dat toentertijd bevlogenheid genoemd.
Ik heb dit nu opgeschreven, maar eigenlijk is wat er gebeurt tijdens het coachen niet goed uit te leggen, omdat het een persoonlijke ervaring is. Het is ook niet belangrijk, zeg ik altijd maar, als het maar ‘werkt’ voor je. Zijn je belemmeringen weg? Kun je beter je problemen oplossen? Heb je meer inzicht? Ben je opgelucht? Voel je je vrijer? Heb je meer grip op je leven? Is het minder druk in je hoofd? Kun je beter slapen? Ben je minder depressief? Maak je je minder zorgen over de toekomst? Daar gaat het dan om, dat wil je bereiken in een paar wandelingen, zodat iemand zijn eigen leven weer kan oppakken. Ieder mens is krachtig genoeg om dat te doen, alleen soms zitten we vast en hebben we wat hulp nodig.
Bevlogen meesterschap
Naast het coachen heb ik toen met medetrainers ook een nieuw trainingsprogramma opgezet: “Bevlogen Meesterschap”. Het was een training in bewustwording in vijf dagdelen over ego, talenten, verstand, gevoel en emoties, energie van personen en groepen en jouw dromen. In deze trainingen ervaarden we dat als je met een groep in een veilige verbinding door innerlijke processen gaat, je veel sneller de diepte in gaat. Ook zagen we dat er een intelligentie van de groep ontstaat, waarbij mensen hun eigen inzichten delen wat helend werkt naar elkaar. Ik heb toen ervaren dat met groepswerk de veiligheid essentieel is of een training werkt. Veiligheid is dat iedereen zich vrij voelt om te delen en dat we zonder oordelend gedrag reageren, waarbij wat er besproken wordt ook binnen de muren blijft. Op een of andere manier kwam ik erachter dat ik dat in een groep kon creëren en bewaken.
In deze sessies heb ik veel geleerd van mijn medetrainers en deelnemers. Die hielpen me door me niet te strak aan de planning te houden en meer een flow te creëren. Daardoor ontstaan er spontaan momenten en inzichten die waardevol zijn voor de groep. Als er een zielsverbinding ontstaat tussen de mensen die bij elkaar zijn, ontstaat er een veld waarbij je sneller belemmeringen opruimt of nieuwe inzichten krijgt. Het meest bijzondere vond ik de levenslijnen, waarbij mensen teruglopen in de tijd in hun leven en de momenten van emoties opnieuw doorvoelden, waarna ze opgeruimd konden worden. Door daarna weer terug te lopen naar het nu, ervaar je dat die momenten hebben bijgedragen aan je huidige kracht en wie je nu bent, ook al zaten daar uiterst pijnlijke situaties bij. Het heeft me doen beseffen, dat hoe zwaar je leven ook is, het ‘niet voor niets’ gebeurt en je veelal sterker eruit komt. Ook zijn we bij enkelen doorgelopen naar voor de geboorte, waar dan ook ‘oude ervaringen’ moesten worden opgeruimd waardoor angsten verdwenen.
Door deze ervaringen werd ik aangezet om een boek te gaan schrijven. Iemand zei: ‘waarom schrijf je het niet op, dan heb je gelijk trainingsmateriaal’. Ik dacht, ‘ik kan niet schrijven’, ik ben dyslectisch! Toch heb ik het opgepakt en het heeft me geholpen om mijn beeld dat ik een defect zou hebben verwijderd. Schrijven ging prima en deed ik op mijn manier. Ooit zei iemand tegen mij ‘je schrijft prima, het is je eigen beeld dat je dwars zit’, wat wel klopte. Uiteindelijk zijn er twee boeken uitgerold: ‘Illusies van het ego’ en ‘De wonderlijke wereld van je talenten’. Ik merkte dat ik dit niet van de daken hoefde te schreeuwen, het was een eigen helingsproces voor mij en meer een uitwerking van hoe ik toen dacht. Destijds had ik nog wel de angst om het te spiritueel te maken, zodat ik minder de diepte in ging. Tijdens het schrijven ervoer ik een heerlijke flow, waarbij het leek alsof ik niet hoefde na te denken, de tekst rolde er zo uit.
Op een gegeven moment merkte ik dat de trainingen en coaching opdroogden. Ik gooide mijn ondernemerstechnieken erin om meer business te krijgen, maar dat werkte niet meer. Het was niet meer de bedoeling om dit in te zetten, het paste niet meer bij mij. Ik probeerde nog wel om te gaan werken in management- en ondernemersrollen, wat ook voor geen mogelijkheid meer lukte. Het werkte niet en was dus niet de bedoeling! Eén ervaring is me nog goed bijgebleven: dat ik in een onderneming terechtkwam, waar de mensen echt bespeeld en gemanipuleerd werden door de eigenaar. Deze eigenaar was begaafd en doorzag heel veel, maar misbruikte dat voor eigen gewin. Elke dag moest het anders, deugde het niet, of was het weer geweldig, waarna de volgende dag het werd afgebrand. Ik heb het twee maanden volgehouden en me verbaast over hoe mensen daar in bleven hangen, het leek wel alsof ze aan de krenkingen verslaafd waren. Ook zag ik de meelopers die soms nog erger waren dan de eigenaar zelf. Ik ben er toen uitgestapt en geloof dat het een voorbeeld was dat je dat gewoon kunt doen. Nee, hier doe ik niet aan mee, waarbij je de loyaliteit gewoon kon loslaten.
Naar de jeugd
Rond mijn 49e kreeg ik een ingeving dat ik naar de jeugd moest gaan, in het onderwijs. Dat was wel vreemd, omdat ik mijn mbo heb gehaald met veel spieken en mijn hbo heb ik gehaald, zonder de laatste drie jaren op school te zijn geweest. Gewoon uit de boeken leren, was voldoende voor mij. Aan een les had ik niks. Dus als je jaren terug had gezegd dat Jan docent zou worden, zouden veel mensen me in ongeloof hebben uitgelachen. Maar, afijn, de drang was er en dat ben ik gaan volgen. Natuurlijk moest ik dat wel op het hbo gaan doen om mijn status hoog te houden. Dat was mijn eerste les, want daar wilden ze me niet hebben. Ik moest wel een master hebben en drs. had ik niet voor mijn naam staan.
Uiteindelijk kon ik bij een mbo aan de slag en ik heb me toen verbaasd hoeveel leerlingen er meer zaten omdat het moest dan dat ze iets wilden leren. Voor veel leerlingen leek het wel een gevangenis. Ook kon ik merken dat ze best wel scherp hadden dat veel wat ze leerden, eigenlijk weinig nut had en het meer was om de punten te halen. Als leraar was je meer een opziener en opvoeder dan een kennisbrenger. Daar ben ik tegengekomen dat een aanzienlijk deel van de leerlingen problemen thuis had of met zichzelf en dat, als ze geluk hadden, ze professionele hulp kregen. Ik heb daar wat leerlingen en ouders kunnen helpen, alleen blijft het beperkt in je leraarsrol. Ook moest je voorzichtig zijn, omdat de begeleiding van leerlingen vastgestelde paden heeft, waar je niet van mocht afwijken. Ik denk dat het een belangrijk inzicht voor me was, hoe weinig vrijheid en echte aandacht we jongvolwassenen tot hun 18e geven en dat de keerzijde is dat dit terugslaat in allerlei problemen. Ik heb toen diep ontzag gekregen voor leraren in dit onderwijs.
Uiteindelijk lukte het wel om op het hbo als docent aan de slag te gaan, waarbij je meer studenten hebt die er zelf voor gekozen hebben om te studeren. Ook heeft deze onderwijsvorm meer vrijheid in inhoud en vorm dan het door de overheid vastgestelde onderbouw en mbo. Het bijzondere is dat ik zelf ook weer student werd omdat ik mijn master moest halen in deeltijd. Dat heeft me heel goed gedaan, omdat ik nu wel gemotiveerd was en richting de AI veel geleerd heb wat mijn interesse had. Hierdoor ben ik van mijn ‘Jan is dom’ overtuiging afgekomen, die ik op het basisonderwijs had gevormd. Het was projectonderwijs, via de Open Universiteit, dat ik gevolgd had, wat een onderwijsvorm is die blijft aansluiten op de ‘echte wereld’ en waarbij het veel ‘nut’ had wat je leerde.
In deze periode kwam ik erachter dat ik helemaal niet zo goed kon ‘samenwerken’. In mijn hele werkende leven, was ik een manager en directeur, waarbij mensen doen wat je vraagt op basis van je strepen of charisma. Samenwerken is wat anders en daar is geen hoog – laag. De essentie is dat het ‘niet altijd zo gaat zoals ik het wil’ en dat anderen ‘niet alles zo zien zoals ik dat zie’. Het heeft me zeker wel drie jaar gekost om me aan te passen en opnieuw uit te vinden, waarbij ik heb geleerd samen te werken, te luisteren en conformeren naar andere ‘ook goede’ standpunten.
Nieuw onderwijs
Na deze hobbels heb ik om bij het HBO in Utrecht in projectonderwijs te stappen. Het is een holistische vorm van onderwijs, waar studenten zelf hun leerroute mogen bepalen en de toetsing via een portfolio gaat. Ik vind dit prachtig onderwijs omdat het veel meer ruimte geeft voor studenten om hun creativiteit kwijt te kunnen en we sluiten in de snel veranderende wereld beter aan op de maatschappij. Het opstarten van dit onderwijs is niet eenvoudig, omdat we eigenlijk tot aan ons 17e jaar alleen maar hebben geleerd voor toetsen, voor die 9 of in veel gevallen voor de 5,6. Ook wij als docenten zitten nog in dit paradigma en ik heb toen ervaren hoe hard werken het is om dit los te laten. Toen heb ik ervaren dat ‘bewustzijn’ de factor is om een verbetering door te voeren. Het volgen van een proces of logica is niet voldoende en het zeggen ‘ik wil wel veranderen’ ook niet. Mensen, studenten en docenten, hebben tijd nodig om te beseffen welke verbetering ze doorvoeren, wat de consequentie is en welke patronen ze dan hebben los te laten. Het roept angst en onzekerheid op en vraagt kracht om niet terug te vallen in de gebaande paden van comfort, zoals we het vroeger altijd deden. Uiteindelijk hebben we voor een kleine groep studenten, met een aantal gemotiveerde docenten, prachtig onderwijs ontwikkeld, waar de studenten vrijheid hebben en daadwerkelijk leren wat ze willen leren.
Deze leerschool had zijn hoogtepunt voor mij toen ik werd gevraagd om dit vrije onderwijs voor de gehele hbo-richting door te voeren. Ik dacht: ‘dat doe ik wel even’. Ik heb in mijn leven nog nooit zoveel weerstand bij zowel management als de uitvoerende docenten ervaren. De schellen vielen van mijn ogen, wat voor een gekonkel, onbegrip, onduidelijkheid, angsten, zorgen en sabotage er ontstaat in zo’n proces. Hier had ik de cruciale stap vergeten dat ‘bewustzijn’ op de verbetering essentieel is. Als je die overslaat, dan kom je er niet. Ook ervaarde ik dat ‘ja’ zeggen tegen een verbetering, niet altijd ‘ja’ betekent, omdat mensen nog niet realiseren wat de verandering betekent en wat dit persoonlijk van hen vraagt. Ik kwam erachter dat niet iedereen zo’n verbetering aankan en eraan toe is. Ze zijn daar nog niet in hun beleving, hebben meer tijd nodig. Geef je die niet of forceer je het, dan beschadig je mensen.
De directie besloot na al het gedoe, om een langzamer pad te nemen, waarbij het gedragen zou worden door het management. Het was een harde leerschool voor mij, waarbij ik mijn ego meerdere malen fors ben tegengekomen. Het heeft mij het inzicht gegeven dat ik niet voor alles geschikt ben en dat een langzame groei en aanpassing voor mij lastig is. Lukt het niet ‘dan stap ik vroegtijdig op’ en zoek ik wel wat anders, was mijn patroon. Daardoor liep ik minder snel tegen mijn beperkingen aan, want dan was ik al weg! Nu had ik de ingeving dat ik had te blijven en dat ik niet weg zou lopen. Dat ik gewoon zou kijken wat er gebeurt. Een toen lastige, maar later geweldige ervaring, omdat je dan ziet dat alles gewoon doorgaat zonder jou en dat de geleidelijke weg ook prima werkt. Later ben ik gaan helpen om een master volgens het nieuwe onderwijsconcept neer te zetten en heb veel kunnen bijdragen als een onderdeel van het team.
Ik heb weinig verteld over mijn relatie met studenten, omdat het voor mij zo vanzelfsprekend was. Ik heb heel snel verbinding met studenten omdat ik niet in een hoog – laag rol duik. Niet de alwetende docent, maar de docent die je helpt en begeleidt. Veel studenten zijn er blij mee en waarderen de aandacht, waarbij kennis automatisch wel wordt overgedragen of opgepakt. Belangrijk is dat iedere student een eigen leerstijl heeft en als je daar ruimte voor geeft en niet in een keurslijf drukt, ze snel kunnen groeien. Ook realiseert een student dat het toepassen van kennis en het opdoen van ervaring belangrijker is dan de kennis op zich. Kennis is overal wel te vinden, het gaat erom hoe je het werkend krijgt. Het lijkt op coachen, omdat een student in het begin veel aandacht nodig heeft en wat stappen moet maken, waarna hij daarna zelfstandig verder kan. Het belangrijkste doel is dat studenten hun talenten, creativiteit en eigenwaarde vinden en verder ontwikkelen. In de snel veranderende wereld zijn dat hun belangrijkste gereedschappen.
Spirituele inzichten
Ik kreeg om mijn 58e een ingeving dat ik mijn soulplan nog eens moest nalezen. Dat is een plan, net zoiets als een horoscoop of astrologielezing, maar dan gericht op je levenslessen, je levensdoel, je psychologische onbalans, je goddelijke bewustwording, je karma en je onderscheidingen. Destijds, tien jaar terug, was ik verbaasd over de accuraatheid, met welk doel je in dit leven geïncarneerd bent, waarbij werd uitgelegd dat dit is ontstaan uit vorige levens. Ik heb voor een aantal mensen dit plan ook mogen opvragen en de scherpte was kenmerkend. Bijvoorbeeld waarom je bij bepaalde ouders bent geland, waarom je bepaalde partners hebt gehad en in welke valkuilen je valt en wat je hebt te overwinnen. Destijds verklaarde dit veel over mijn harde klappen en ook mijn worsteling in het leven.
Ik las het plan opnieuw en realiseerde me dat ik in de tien jaar al veel stappen had gezet om veel problemen, pijnen en gedrag op te ruimen en mijn onderliggende angsten op te ruimen, waardoor ik spiritueel gegroeid was. Aan het eind wordt geadviseerd om de boeken Master Key to Spiritual Freedom (Kim Micheals), The Four Agreements (Don Miguel Ruiz) en The Disappearance of the Universe (Gary R. Renard) te lezen. Dat had ik toen niet nodig gevonden, maar nu kreeg ik de ingeving dat dit waardevol voor me was. We zouden over een aantal maanden op sabbatical gaan met de zeilboot, dus genoeg tijd om te lezen. Ik kon niet wachten en ben gelijk begonnen.
Het eerste boek was gelijk raak! Ik worstelde al een tijd met de vraag waarom ik een ego had. Zover ik nu in mijn leven had ervaren, nam die vaak mijn stuur over in het leven en zorgde die voor veel gedrag wat ik niet wenselijk vond. Het was alsof ik mijn hele leven aan het strijden was om ervan af te komen en dichter bij mijn gevoel, intuïtie, innerlijk weten te komen, het liefst in een flow waarbij alles heel makkelijk gaat en de tijd lijkt stil te staan. Dit boek gaf de verklaring! Het ego is een eigen intelligentie die we zelf hebben gemaakt, die de beslissingen in het leven voor ons kan nemen. Dit is ontstaan en opgebouwd in al onze levens die we op aarde hebben gehad. Dit kwam overeen met mijn eigen ervaring, maar ook de ervaringen in de coaching sessies.
Het boek legt uit dat we als mens een eigen bewustzijn hebben, we realiseren ons wie we zijn en wat we doen. Daarnaast hebben we een eigen wil, we mogen zelf kiezen wat we doen. We zijn met ons eigen bewustzijn en onze vrije wil een goddelijke vonk. We zijn een deel van God, zeg maar, en dat geldt voor iedereen op aarde. In het goddelijke bestaat; tijd, afstand en dualiteit niet zoals wij het hier op aarde kennen. In het goddelijke is alles verbonden en niet zoals op aarde afgescheiden van elkaar. Ook is er geen dualiteit, zoals goed en fout, juist en onjuist, waar en onwaar.
We kennen wel als mens het gevoel van dat spirituele, goddelijke gevoel. Als we met onze talenten bezig zijn, als we ontroerd zijn, als we iets innerlijk weten of iets klopt, als we iets intuïtief aanvoelen, etc., maken we licht kennis met het goddelijke gevoel. De keerzijde is ons ego, die daar ‘niks’ mee heeft en ons aanstuurt vanuit emoties of logica. We zijn als mens als het ware ‘van God los’ en leven met ons ego, dat veel van ons gedrag bepaalt. Het boek legt uit dat we van oorsprong gewoon spirituele mensen waren, maar dat we hiervan zijn afgedwaald, waardoor ons ego is ontstaan, waarbij we steeds meer beslissingen hebben overgedragen. Omdat we vrije wil hebben, konden we ervoor kiezen om ons ego dat te laten doen, waardoor we op aarde in de materiële wereld van de dualiteit zijn gaan leven.
De consequentie is dat we als mensen van elkaar afgescheiden voelen, met alle gevolgen van dien, zoals oorlogen, ruzies, krenkingen, etc. De ego’s van mensen verschillen in zwaarte en je kunt je ego weer afbouwen om weer een spiritueel mens te worden. Dan verdwijnen je angsten, zorgen, stemmen in je hoofd, tot gedrag aanzettende emoties, negativiteit, oordelen, etc. We kennen voorbeelden van mensen die daar al veel verder in zijn. Omdat de vrije wil wel is gekoppeld aan de wet van ‘wat je de één aandoet, zul je ook zelf ervaren,’ zal je leven ook rijker worden met minder ellende. Dit is lastig te onderkennen, omdat je zo’n effect ook pas in je volgende leven kunt tegenkomen. In dit leven kun je ook het effect van een vorig leven ervaren. Daardoor lijkt het alsof het je overkomt, wat niet zo is. Deze uitleg van het boek was bevrijdend voor mij. Het was duidelijk dat mijn ego volledig afgebouwd kon worden, want je hebt hem niet nodig en je krijgt een prettiger leven. Dit sloot aan op wat ik al heel lang ervaarde, maar waar ik niet mijn vingers op kon leggen.
Het volgende boek, The Four Agreements (Don Miguel Ruiz), was nog resoluter! Het gaat over de Tolteken uit Mexico en is via overlevering vanaf 1000 jaar geleden doorgegeven. Ze geven aan dat als je geboren wordt, je gelijk gedomesticeerd wordt door je ouders, omgeving en cultuur, waardoor je blind bent en in mist leeft en bang bent jezelf te zijn. Ze geven vier afspraken om dat op te ruimen. De eerste is om onberispelijk te zijn met je woorden. Dat viel niet mee in het begin, omdat ik waarnam dat ik best wel vaak roddelde of negatief sprak over anderen, cynisch was, plagend sprak, etc., meer dan ik dacht, en werd ook door anderen erin meegenomen. Elke keer dat ik het deed, keek ik dieper waar het vandaan kwam en besloot om het niet meer te doen. Dat lukte steeds beter en ik blijf het nu doen. Ik begrijp en voel dat woorden vanuit negativiteit uitgesproken naar een persoon, gif zijn en onbewust effect hebben op de ander, maar ook op jezelf.
De tweede afspraak is dat je alles niet zo persoonlijk moet nemen, zelfs niet als mensen liegen, bedriegen, oordelen, beschuldigen, etc. Nou, dat kende ik wel en daar ben ik ook mee aan de slag gegaan. Net zoals de derde, die ook lastig was: dat je geen aannames mag doen, vraag het gewoon en neem het niet aan. De vierde is gericht op dat je altijd je best moet doen en dus ook gericht op de eerste drie regels. Wat me opviel toen ik ermee aan de slag ging, was dat het allemaal ego-onderdelen zijn, die niet zo schadelijk en heftig lijken, maar sluimerend en in de mist jouw leven sturen en er een worsteling van maken. Deze vier regels helpen me nu nog steeds om zuiverder te worden in hoe ik ben naar anderen, waardoor mijn leven prettiger wordt.
In het derde boek, The Disappearance of the Universe, kwam ik een nieuwe opruimtechniek tegen, die over vergeven gaat. Dit boek vertelt dat als jij emoties tegenkomt zoals een ruzie, irritatie, je schuldig voelen, jaloezie, etc., je jezelf kunt vergeven. Het klinkt heel gek omdat je vaak vindt dat een ander of een externe situatie jou iets aandoet. Die zou je dan moeten vergeven? Maar zo werkt het niet, alles is één en verbonden en eigenlijk doe je jouw emotie jezelf aan! Dus je vergeeft niet de ander, maar je vergeeft het jezelf dat je zo reageert. En als je het jezelf vergeeft, “als je het echt vergeeft,” dan draag je het over aan het goddelijke en dan wordt het voor jou opgeruimd. Ik had nog genoeg irritaties in de persoonlijke sfeer, dus ik ging ermee aan de slag. En het is bizar dat het zo eenvoudig werkt, maar het ruimt op en die terugkerende irritaties verdwijnen. Ook hiermee kon ik mijn aanwezige ongemakken en gevoelde krenkingen eenvoudig de baas worden en werd ik schoner.
Sabbatical
Het boek van Kim Micheals had mij zeer aangesproken en gedurende onze vijf maanden sabbatical ben ik me verder gaan verdiepen in zijn boeken. In essentie helpen deze boeken je om onderscheid te maken tussen je ego en je ‘echte’ zelf. Ze leggen uit welke krachten in je en buiten je om zijn, die maken dat je niet je ‘echte’ zelf bent. Door die te herkennen en afscheid van te nemen, krijg je meer contact met je innerlijk. Je wordt geholpen door oefeningen, wat ‘Rosaries’ zijn, die je uitspreekt met herhaling. Daardoor kreeg ik meer inzicht in wat mijn ego was en hoe ik daar afstand van kon doen. Ik had door wanneer mijn ego-stem in me sprak en me aanzette tot gedrag of wanneer ik het ‘echte’ zelf was. Je ‘echte’ zelf is veel meer een innerlijke rust, is liefdevol en gevend naar anderen en jezelf. Deze staat in verbinding met veel innerlijk weten, wat je inzicht en kennis geeft. Dit onderscheid tussen ‘echt’ en ‘onecht’ heeft me geholpen om mijn subtiele ego-sturing, als die er soms nog is, naast me neer te leggen en verder te gaan.
Ik merk dat ik minder op ego-sturingen van anderen hoef te reageren, dat ik meer kan observeren en dat ik meer kan creëren en benoemen wat er speelt of nodig is. Wat me geholpen heeft is de stelling “let niet op de splinter in iemands anders oog, maar ga met je boom in je eigen oog aan de slag”, met andere woorden werk aan jezelf in plaats van aan de ander. Ook kwam ik tot de ontdekking dat je veel controle op alles willen hebben, wat een een soort schijnveiligheid geeft en je leven alleen maar beperkt. Je mag jezelf gewoon overgeven aan wat er gebeurd. De moeilijkste stap is voor mij om niet gehecht te zijn aan geld, mensen, wensen, materie, resultaten, etc. Je geeft nog wel liefde en aandacht, je doet je best en je bent tevreden met wat je hebt, alleen jouw verwachtingen en alles wat je bezit laat je los zodat het je leven niet meer bepaald, beheerst of stuurt. Dat is nog wel het moeilijkste om te bereiken, maar stap voor stap helpt het me om meer vrijheid in mijn leven te krijgen. Vrijheid van jezelf en in je hoofd, zodat je niet afhankelijk van anderen bent.
En ik kan me eigenlijk ook niet meer voorstellen hoe ik daarvoor heb geleefd; al die stress; al die pijn; al die irritaties die ik had toen ik 33 was, maar ook daarvoor in mijn jeugd. Al die gedachten, energieën en gevoeligheden, die op mijn pad kwamen waar ik elke dag mee worstelde en in mijn hoofd drukte veroorzaakten. Toen wist ik niet beter en dacht dat dit normaal was en zo hoorde. Nu weet ik beter. Ik moet er niet aan denken dat ik dat weer had, maar dat kan ook niet. Zodra je van iets bewust wordt, kan je het niet meer wegstoppen, het enige pad is de groei naar een meer bewust en vrijer leven.
Tijdens de sabbatical heb ik besloten om mijn coaching, training en transforming weer op te pakken en aan te bieden aan wie het nodig heeft. Ik denk dat ik daarmee veel mensen, teams en organisatie kan helpen die vastzitten en daar lastig zelf uitkomen. Ook denk ik dat er zaken op mijn pad komen, waardoor ik mensen inzicht en bewustzijn kan geven over hoe we de wereld weer stap voor stap beter kunnen maken.
Jan van Rouwendal 2025